De map is niet de stage

Doorzoekbare inventory voor stagebegeleiders, bedrijven en studenten

Minimalistische 8-bit illustratie van een stagiair, begeleider en directeur die samen vragend naar een kaart kijken.

De map is niet de stage

Alfred Korzybski schreef in 1931: the map is not the territory. Een kaart is handig om te navigeren, maar gevaarlijk zodra je vergeet dat het papier niet de werkelijkheid is. Op een kaart staat geen regen, geen tegenwind, geen chagrijnige fietser die precies op jouw lijn rijdt.

Stages hebben precies dat probleem, maar dan met Word-documenten.

De map is het stageplan, de rubric, het logboek, de checklist, de "leerdoelen". De stage is het terrein: de eerste dag, de ongeschreven regels, de twijfel om iets te vragen, de veiligheid die je voelt of juist niet, de micro-successen die iemand doen blijven, en de fouten die iemand stil maken.

Als je de map mooier maakt, heb je nog steeds geen betere stage.

Daarom staat deze database hier. Niet om perfect te worden. Wel om minder toeval te hebben.

Wat zit erin?

  • Begeleiders (300 items): de complete kennisbasis, van onboarding tot afronden. Alles wat je moet weten maar niemand je vertelt.

  • Bedrijven (60 vragen): dezelfde werkelijkheid, in managementtaal. Voor iedereen die wil weten wat begeleiding kost als je het níet doet.

  • Studenten (60 vragen): ervaring zichtbaar maken, zonder reflectietoneel. Eén vraag per dag is genoeg.

Hoe gebruik je 'm?

Je leest dit niet van 1 tot 300. Je pakt wat je nú nodig hebt.

De inventory is ingedeeld in hoofdstukken A–L:

A Stage · B Stagiair · C Begeleider · D Signalen · E Leren · F Motivatie · G Praten · H Veiligheid & kwaliteit · I Organisatie · J Bewijs · K Gedoe · L Afronden

Kies een tab. Zoek op woord. Filter op sectie. Klik Random als je inspiratie wilt.

Wat het oplevert.

Goede begeleiding verkort inwerktijd. Voorkomt herstelwerk achteraf. Verlaagt risico's op ongelukken. Bouwt aan een fijne instroomfunnel.

Je investeert met minuten aandacht. Je bespaart jezelf (en anderen) weken gedoe.

Slechte begeleiding doet het omgekeerde. Stagiairs die afhaken vertellen dat door. Stagiairs die blijven ook.

De vraag is niet óf je aan employer branding doet. De vraag is of je het bewust doet of per ongeluk.

Waarom een inventory?

Antonio Gramsci (een Italiaanse marxist, ook die hadden goede ideeën) schreef in de jaren dertig al dat jezelf kennen begint met het maken van een inventory een eerlijke opsomming van alles wat je hebt meegekregen, zonder het mooier te stylen dan het is. Pas als je weet wat er ligt, kun je er iets mee.

Dat geldt ook voor begeleiden:
De meeste bedrijven weten best dat stages belangrijk zijn.
Maar vraag wat er concreet nodig is op de werkvloer: welke signalen je moet zien, welke gesprekken je moet voeren, waar het misgaat en waarom dat altijd gebeurd? Dan is het stil.
Komt niet door onwil. Komt door nooit-opgeschreven.

In deze inventory schrijf ik het op. Driehonderd dingen voor begeleiders, zestig vragen voor bedrijven, zestig voor studenten.

Zodat je naar het terrein kijkt in plaats van naar de kaart.

De map is niet de stage
300 dingen die je als begeleider, bedrijf of student moet weten over stages en werkplekleren.

FAQ (VEELGESTELDE VRAGEN)

Wat is stagebegeleiding (en wat is het niet)?

Stagebegeleiding is het ontwerpen van een leerwerkplek: ritme, veiligheid, feedback en duidelijke normen. Het is niet alleen aftekenen en formulieren vullen.

Waarom heet het 'De map is niet de stage'?

Omdat formulieren en plannen helpen, maar nooit de ervaring vervangen. De echte stage gebeurt op de werkvloer, in kleine momenten.

Hoe gebruik ik de 300 items als praktijkbegeleider?

Kies één item per week. Maak er een afspraak van. Test het. En pas het aan op jouw werkplek. Je hoeft dit niet "uit te lezen".

Wat betekenen A–L (en waarom blijven die letters staan)?

Deze database komt uit een papieren A6-boekje. A–L zijn de hoofdstukken. Ze helpen je filteren en verwijzen zonder dat je alles van 1 tot 300 hoeft te lezen.

A Wat een stage is
B Wat een stagiair meeneemt
C Wat een begeleider is
D Wat je moet kunnen zien
E Leren op de werkvloer
F Motivatie
G Praten
H Veiligheid & kwaliteit
I Organisaties
J Bewijs & beoordelen
K Gedoe & conflict
L Afronden

Handig in teams: je kunt zeggen "dit is een H-item (veiligheid)" of "dit is een I-probleem (organisatie)" in plaats van "ergens in dat lijstje".

Welke items zijn het belangrijkst in de eerste week?

Onboarding, veiligheid, vaste aanspreekpunten, duidelijke normen en korte checkmomenten. Week 1 zet vertrouwen en tempo.

Wat is een buddy-check na twee weken?

Een kort gesprek (10 minuten) om te checken wat loopt, wat schuurt en of de match tussen stagiair en begeleider klopt. Vroege signalen voorkomen stille uitval en stille fouten.

Wat is een 'dagboek van verbazing' en waarom werkt het?

De student noteert 1 minuut per dag wat vreemd, slim of onduidelijk was. Dat levert gratis feedback op over jullie werkplek, onboarding en ongeschreven regels.

Hoe helpt dit bedrijven, behalve 'iets voor school'?

Goede begeleiding verkort inwerktijd, verlaagt herstelwerk, verkleint veiligheidsrisico's en bouwt instroom. Het is organisatiekwaliteit in het klein.

Kan ik direct linken naar één item?

Ja. Gebruik deeplinks zoals #begeleider-221 om direct naar een item te springen en het te delen met collega's.

Mag ik items aanpassen of toevoegen?

Graag. Dit is een inventory, geen wetboek. Herschrijf items in jullie taal en maak er teamafspraken van.